Je Leefstijl Als Medicijn
Artikel

Vijf voor twaalf in de psychiatrie: waarom leefstijl bij de voordeur zin heeft 

Al jaren groeit het aantal mensen met ernstige psychische problemen, tegelijkertijd zijn behandelingen en medicatie niet altijd succesvol. Hoe keren we de groeiende crisis in de geestelijke gezondheidszorg? Begin al vroeg in het traject met gesprekken over leefstijl, stelt voormalig psychiater Ron Stammes. “Aandacht voor voeding, slaap of beweging is nog een blinde vlek.”

Gepubliceerd: Bijgewerkt:
psychiatrie Ron Stammes Je Leefstijl Als Medicijn

Toen psychiater Ron Stammes (66) uit Tiel vorig jaar een herseninfarct kreeg, kwam zijn loopbaan abrupt tot een einde. Hij had op de automatische piloot door kunnen gaan, maar wilde zijn patiënten niet tekortdoen. “Als gevolg van hersenschade kon ik niet altijd op woorden komen en waren mijn emoties vlakker.”

De vrije tijd die hij ineens over had, gebruikte Stammes om uit te zoeken hoe hij de kans op een tweede beroerte verkleint. Stammes dook diep in de wetenschappelijke literatuur, volgde webinars en verslond onderzoeken over de rol van leefstijl bij gezondheid. “Er ging een wereld voor me open,” zegt hij. “Tijdens mijn opleiding geneeskunde, en later tijdens mijn specialisatie psychiatrie, ging het nauwelijks over leefstijl.”

“Er was wel aandacht voor bewegen, mede omdat veel patiënten met een ernstige psychiatrische aandoening gemiddeld 10 tot 15 jaar korter leven. Zelf schreef ik in 2009, tijdens mijn opleiding, een artikel over runningtherapie bij depressies. Ook verdiepte ik me toen al wel in slaap. Bij voeding stond ik minder stil.”

Andere blik op de psychiatrie

Met de kennis die Stammes het afgelopen jaar opdeed, verbeterde hij niet alleen zijn gezondheid, het leidde ook tot een andere blik op de psychiatrie. Met terugwerkende kracht begrijpt hij niet waarom leefstijl in de psychiatrie zo onderbelicht is.

Wat Stammes in zijn tijd als psychiater zich niet realiseerde: “Obesitas, insuline resistentie en te veel visceraal vet, dat zich ophoopt rondom de lever, maag en darmen, kunnen leiden tot laaggradige ontstekingen. Deze ontstekingen kunnen een depressie uitlokken of verergeren.” Ook het het boek Brain Energy van Chris Palmer was een eyeopener voor Stammes. “Sindsdien begrijp ik hoe cruciaal de energiehuishouding van onze hersencellen is.”

Laaggradige ontsteking als voorspellende factor

“Ik hield overigens wel de buikomvang van patiënten in de gaten als zij antipsychotica gebruikten, omdat deze middelen vaak tot gewichtstoename leiden. Dat kan een slaapapneusyndroom veroorzaken, waardoor patiënten extra vermoeid raken. Bovendien vergroot het de kans op hypertensie en diabetes mellitus.”

“Ook liet ik bij patiënten vaak de bloedwaarden bepalen om ontstekingsmarkers te checken. Maar dat had een andere reden: als die te hoog waren, wist ik dat moderne antidepressiva niet zouden werken. En dat ik beter ouderwetse antidepressiva of lithium kon voorschrijven,” zegt Stammes. “Een laaggradige ontsteking kan voorspellen of iemand wel of niet goed reageert op medicatie.”

Stammes: “Nu pas valt bij mij het kwartje dat je deze ontstekingen sterk kunt beïnvloeden met leefstijl. Door tijdig in te zetten op leefstijlinterventies, kun je mensen daadwerkelijk helpen hun mentale gezondheid te verbeteren.” Stellig: “Als ik dit eerder had geweten, had ik bepaalde dingen beslist anders aangepakt.”

Voer leefstijlgesprek al bij de voordeur

Stammes nuanceert direct dat de spreekkamer van een psychiater zich nauwelijks leent voor een leefstijlgesprek. “Je bent vooral bezig met de zware gevallen: mensen met psychoses, schizofrenie, een bipolaire stoornis of ernstige depressies. Voor hen is medicatie vaak onvermijdelijk. Bovendien, als iemand rondloopt met suïcidale gedachten, begin je niet over meer bewegen of een gezonder voedingspatroon. Dan wil je de situatie stabiliseren.” Daarnaast is de tijd van een psychiater beperkt, aldus Stammes. “Je hebt een consult van een half uur. In die tijd wil je weten of de medicijnen aanslaan, of er bijwerkingen zijn en hoe iemand functioneert. En dan staat de volgende patiënt alweer klaar.”

Leefstijl zou volgens Stammes al eerder aan bod moeten komen: al bij de voordeur van de GGZ. “Wanneer iemand zich aanmeldt, zouden we meteen moeten vragen: hoe slaap je, hoe ziet je voeding eruit, beweeg je genoeg? Volgens hem zou dit een logische taak zijn voor sociaal-psychiatrisch verpleegkundigen.” En terugkijkend op zijn tijd als psychiater: “Achteraf had ik binnen mijn behandelteam vaker met spv’ers kunnen afstemmen om het met een specifieke patiënt over leefstijlfactoren te hebben.”

Kleine interventies, groot verschil

Vroege, kleine interventies kunnen al veel verschil maken. “Vaker bewegen of liever nog sporten, is van grote invloed op hoe iemand zich voelt. Wie goed slaapt, kan trauma’s beter verwerken. Momenteel belanden mensen vaak in een vicieuze cirkel. Door herbelevingen slapen ze slecht, staat het stresssysteem continu in het rood. Dat kan leiden tot ernstige depressies. In de praktijk behandelen we nu vaak eerst depressieve klachten, pas daarna komen we toe aan trauma. We zouden meer kunnen bereiken als we meteen de oorzaak aanpakken.” Hij herinnert zich een patient met psychoses. “Ze bleek al tijden slecht te slapen door een zwaar snurkende partner. Toen dat probleem werd opgelost, was de therapie ineens veel effectiever.”

Ook gezonde voeding maakt veel uit, weet de voormalig psychiater. “Een ongezond dieet remt de aanmaak van nieuwe hersencellen, de zogenaamde neurogenese. Junkfood maakt het brein minder veerkrachtig. Er is een Amerikaans onderzoek waarin studenten met depressieve klachten sneller herstelden zodra ze overstapten op een gezond voedingspatroon. Zelfs sneller dan studenten die wel psychotherapie kregen maar hun eetgedrag niet veranderden.”

Perverse prikkel van zorgmodel

Leefstijlinterventies zouden zelfs al kunnen beginnen terwijl mensen nog op de wachtlijst staan, zegt Stammes. “Ik vermoed dat patiënten daardoor sneller zouden opknappen of in elk geval niet verder afglijden.” Daarbij realiseert hij zich dat een advies of gesprek zelden genoeg is. “De geestelijke gezondheidszorg zou veel kunnen leren van het GLI-programma (gecombineerde leefstijlinterventies). Hiermee worden mensen met obesitas langere tijd intensief begeleid. Dan kun je blijven motiveren, meekijken en tussentijds appjes sturen. Zo houd je mensen langer vast.”

Het probleem is dat het huidige zorgsysteem leefstijlprogramma’s – ook al zijn ze niet duur of ingewikkeld – nauwelijks faciliteert, constateert Stammes. “Ons huidige model kent een perverse financiēle prikkel. Als een GGZ-instelling iemand dankzij een leefstijlinterventie van de wachtlijst afhelpt, wordt dit niet gezien als behandeling. En wordt die dus niet vergoed. Zorgverzekeraars betalen niet voor preventie, omdat ze bang zijn dat patiënten overstappen naar een andere verzekeraar, waardoor hun investering verloren gaat.” Stammes: “Er zal daarom op beleidsniveau besloten moeten worden om leefstijl een prominentere plek te geven in de GGZ.”

Steeds meer Nederlanders metabool ongezond

Volgens Stammes is de urgentie hoog: “Het is vijf voor twaalf. Het aantal Nederlanders dat metabool ongezond is, stijgt al jaren. Steeds meer mensen kampen met overgewicht, insulineresistentie, te hoge bloedsuiker, te hoge bloeddruk of laaggradige ontstekingen. Metabool ongezond betekent dat je lichaam moeite heeft om belangrijke stofwisselingsprocessen goed te regelen. Een metabole disfunctie veroorzaakt niet alleen vervelende ziekten, maar kan ook tot mentale klachten leiden.”

Als je het vanuit de biologie bekijkt, is het eigenlijk geen verrassing dat het aantal mensen met psychische problemen de afgelopen jaren fors is gestegen, stelt Stammes. “Net als in de reguliere zorg dreigt ook de geestelijke gezondheidszorg af te stevenen op een crisis. Ruim 100.000 mensen staan op de wachtlijst voor een intake bij de GGZ. Mensen met ernstige problemen moeten gemiddeld 25 weken wachten. Elke maand stijg de kans op baanverlies. Nog triester is dat in deze periode ook het risico op zelfdoding groter is.

De voormalig psychiater heeft meer schokkende cijfers: “Van de patiënten die in de psychiatrie belanden, knapt 30 procent goed op. Nog eens 30 procent knapt deels op en nog weer 30 procent heeft helemaal geen baat bij behandeling. Als er na 1,5 tot 2 jaar geen verbetering optreedt, kan deze grote groep mensen alleen nog een beroep doen op een chronisch team, waar de zorg wordt teruggebracht tot korte consulten bij een psychiater en af en toe een gesprek met een psycholoog of verpleegkundige.”

Praktijk is weerbarstig

Bij psychiaters is kennis over leefstijl nog een blinde vlek, aldus Stammes. “Men denkt te weten wat een goede leefstijl is. Dat dacht ik zelf ook, maar als je je erin gaat verdiepen merk je hoe gecompliceerd het is. Neurogenese, het maken van nieuwe verbindingen in de hersenen om iets te leren of te ontleren is sterk afhankelijk van leefstijl.”

Overigens is er wel aandacht voor leefstijl in de psychiatrie. In 2023 verscheen het boek Leefstijlpsychiatrie van Wiepke Kahn, Jeroen Deenik en Jentien Vermeulen. Uit onderzoek blijkt dat de kans op obesitas, diabetes en hart- en vaatziekten bij mensen met een psychiatrische stoornis 1,4 tot 2 keer zo hoog is. Al in november 2020 pleitten deze auteurs in het Tijdschrift voor Psychiatrie voor integratie van leefstijl in de behandeling. Daarnaast vraagt Rogier Hoenders, Gronings psychiater en hoogleraar intergrale psychiatrie al jaren nadrukkelijk aandacht voor leefstijl en metabole factoren in de psychiatrie. Hij geldt als een belangrijke pleitbezorger voor deze benadering.

Binnen de medisch-universitaire wereld lopen verschillende onderzoeken naar het effect van leefstijl op de psyche, Zoals de onderzoeksgroep Lifestyle Brain Interaction (LBI) onder leiding van Dr. Eline Dekeyster, die onder meer onderzoek doet naar hoe het ketogeen dieet, (intermittent) vasten en supplementen mentale klachten kunnen beinvloeden.

De praktijk blijkt echter weerbarstig, ervaart Stammes: “Een medicijn voorschrijven kost minder tijd, terwijl leefstijlinterventies een cultuurverandering en bredere kennis bij behandelaren vereisen. Bovendien komt een ongezonde leefstijl veel voor onder psychiatrische patiënten, en gedragsverandering vraagt intensieve en langdurige inzet.”

Laten we beginnen met zorgen dat de basis meer op orde is bij mensen met beginnende psychische problemen. “Als de psychiatrie eerder zou inzetten op voeding, slaap en beweging, voorkomen we niet alleen veel leed, maar ontlasten we ook de geestelijke gezondheidszorg.”

Webinar Rogier Hoenders

Hoe leefstijlinterventies een rol kunnen spelen in de behandeling van depressie

Auteur

Ellis Bloembergen
Ellis Bloembergen

Redacteur, nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Ontvang tips, nieuwe artikelen en inspiratie voor een gezondere leefstijl.